Waarom sterilisatie, logistiek en inkoop één keten vormen

Een lege lade lijkt een klein probleem. Toch loopt het door tot aan de balie, de planning, het team en de patiënt.

De lade is leeg

De patiënt ligt al in de stoel. De behandelaar vraagt om een instrument dat op de tray hoort te liggen. De assistent kijkt nog een keer, opent een lade, controleert de kast. Het is er niet.

Ze loopt de kamer uit en vraagt een collega mee te zoeken. Die onderbreekt haar eigen werk. Waar zijn de andere exemplaren? Die draaien in de sterilisatieruimte hun volledige cyclus van reiniging, desinfectie en sterilisatie, en zijn pas daarna weer veilig te gebruiken.

Dus iedereen wacht. De behandelaar, de patiënt, de assistent met de druk die oploopt, de collega die er een vraag bij krijgt terwijl haar proces ook al begonnen was. En binnen een paar minuten klinken de bekende zinnen.

“Wie heeft er gisteren in kamer 3 gewerkt?”

“Zie je wel, altijd als hij dienst heeft gehad is het een zooitje.”

“Het ligt niet aan mij hoor.”

De praktijk zoekt vaak eerder een schuldige dan de echte oorzaak. Iemand vult een lade aan, een ander trekt een instrument uit een andere set, de behandeling gaat verder. Maar die eerste vertraging schuift mee door de hele dag. De volgende patiënt gaat later naar binnen, de kamer wordt haastiger omgebouwd, de pauze begint later, en aan de balie vraagt iemand hoe lang het nog duurt.

Aan het einde van de dag krijgt de volle agenda de schuld. Maar de keten haperde al veel eerder.

Het zichtbare probleem is zelden de oorzaak

Een lege lade zie je meteen. De oorzaak zit meestal ergens anders, en vaak een schakel eerder.

Misschien zijn er te weinig instrumentensets voor het programma van die dag. Misschien sluit de verwerkingstijd niet aan op het gebruik. Misschien is de trayinhoud ooit aangepast zonder dat iemand het vastlegde. Of werkt een behandelaar met een instrument dat alleen de vaste assistent kent.

En dan de voorraad. Een materiaal ligt verspreid over meerdere kamers, een medewerker houdt een eigen (hamster-) voorraad aan, de centrale telling klopt niet meer. Er wordt besteld terwijl elders nieuwe verpakkingen nog liggen.

Wie het probleem als laatste tegenkomt, krijgt de schuld. Terwijl de oorzaak ligt in het systeem eromheen. Dat ontbreekt vaak. Maar het bestaat wel. Het SLIM systeem. SLIM bestaat uit drie delen die één geheel vormen: sterilisatie, logistiek en inkoop van materialen en dat in een keten.

De keten loopt door de hele praktijk

Elke schakel bepaalt iets voor de volgende. De agenda bepaalt welk instrumentarium nodig is. De behandelkamer is de bepalende factor hoe gebruikte instrumenten worden verzameld en klaargezet. Het transport bepaalt hoe veilig ze in de sterilisatieruimte aankomen. En zo loopt het door, via de reiniging en de sterilisatie naar de schone opslag, de voorraadindeling en uiteindelijk de inkoop.

Verander één plek, en het werkt door in de rest. Eén extra instrument op een tray vraagt al snel om meer exemplaren, een andere indeling, extra verwerkingscapaciteit en meer opslag. Eén nieuw materiaal voor één behandelaar vraagt om een vaste plek, een voorraadniveau, houdbaarheidscontrole en afspraken over gebruik.

SLIM kijkt daarom naar de hele beweging: van bestelling tot gebruik, van behandelkamer tot sterilisatie, van schone opslag terug naar de volgende patiënt.

Afspraken vervagen zonder dat iemand het merkt

De meeste praktijkafspraken zitten in hoofden, niet op papier. Een ervaren assistent werkt een nieuwe collega in en laat zien hoe het hier gaat.

“Deze tang leggen we voor tandarts Jansen altijd extra klaar.”

“Als hier nog twee doosjes staan, schrijf je het op.”

De nieuwe medewerker onthoudt wat ze kan en bouwt haar eigen routine. Maanden later werkt zij weer iemand anders in. Elke overdracht voegt een kleine wijziging toe, en na een tijd bestaan er verschillende versies van dezelfde afspraak. De een vult de lade tot de rand, de ander houdt hem klein. De een bouwt de tray zoals het ooit was afgesproken, de ander zoals ze het vorige week hoorde van die medewerker “die jarenlang voor een grotere praktijk werkte”.

Iedereen denkt volgens de werkwijze van de praktijk te werken. Tot er iets ontbreekt, en de discussie losbarst.

“Zo heb ik het geleerd.”

“Volgens mij bestelt zij dat.”

“Dat hoort helemaal niet in deze kast.”

Een werkwijze die alleen in hoofden zit, is kwetsbaar bij vakantie, ziekte en drukte. Vastgelegde afspraken geven het team een gezamenlijke basis.

Dat geldt ook voor behandelaarvoorkeuren. Bijna elke behandelaar heeft ze: een vaste tang, een bepaald boortje, een voorkeur voor hechtmateriaal of composiet. De vaste assistent kent ze uit haar hoofd en weet precies wat “die andere” betekent. Voor een invaller is dat een raadsel.

Leg je die voorkeuren vast, dan profiteert de hele keten: de tray wordt goed voorbereid, de kamer goed ingericht, de inkoop sluit aan op wat er echt gebruikt wordt. Met één afweging erbij, want vijf behandelaars met vijf varianten van hetzelfde product maken de voorraad log. Het team bepaalt samen welke verschillen er echt toe doen en waar en hoe één standaard volstaat.

Het systeem bewijst zich op een mindere dag

Een goede werkwijze bewijst zich als alles meezit. Een sterk systeem bewijst zich op de dag dat iemand minder scherp is.

Want als er dan iets ontbreekt, helpt de vraag wie de lade het laatst aanvulde weinig. De betere vragen gaan over het proces. Was de inhoud van de lade vastgelegd? Was zichtbaar dat de voorraad op was? Lag het materiaal op één vaste plek? Waren er genoeg sets voor het programma? Was duidelijk wie aanvult, controleert en bestelt?

Die vragen halen het gesprek weg bij wijzen en verdedigen. Het team kijkt samen naar de keten in plaats van naar elkaar. En “het ligt niet aan mij hoor” verliest zijn functie, want het probleem is van het team en van het systeem geworden.

Wat het oplevert

Een goed ingerichte keten levert meer op dan tijdwinst. Vaste transportafspraken verkleinen de kans op prik- en snijincidenten. Standaardisering verkleint de kans op fouten. Een vaste volgorde in de sterilisatieruimte haalt de haast eruit. Complete trays schelen zoeken tijdens de behandeling. Een smalle voorraad voorkomt verlopen materiaal en volle kasten.

En dat werkt door in de mensen. Wie minder brandjes hoeft te blussen, houdt de aandacht bij het eigen werk. De assistent blijft in de kamer, de behandelaar bij de patiënt. Veilig werken draagt het werkplezier, werkplezier draagt de kwaliteit, en kwaliteit versterkt het vertrouwen in de praktijk.

De keten werkt voor de medewerker

Het doel van SLIM is een slimme praktijk waarin niemand meer hoeft te zoeken, te onthouden of te improviseren. De taakverdeling, de trayinhoud, de voorkeuren, de transportmomenten, de voorraadniveaus en de bestelroutes vormen samen één werkwijze.

Klopt die werkwijze, dan draagt de keten het team. Tijdens drukte, bij ziekte, als een ervaren collega vertrekt, en op de dag dat iemand minder scherp is.

De medewerker werkt voor de patiënt. De keten werkt voor de medewerker.


In veel praktijken zit waardevolle kennis verspreid over hoofden, laden en briefjes. SLIM brengt die samen in één praktische methode voor sterilisatie, logistiek en inkoop, uitgewerkt in een e-book met alle werkafspraken en bijlagen. De lancering volgt binnenkort. Meld u vast aan voor de aankondiging van de lancering: 

eBook SLIM – Praktijk op orde